ECLI:NL:GHSGR:2010:BM1155
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging eigendom auto en bewijsuitsluiting intieme bandopname
Partijen hadden een relatie en beschikten over een Opel Vectra die op naam van appellante stond. Na beëindiging bleef appellante de auto houden, maar geïntimeerde vorderde teruggave en schadevergoeding omdat hij de eigenaar achtte.
Appellante voerde onder meer aan dat bandopnames onrechtmatig verkregen bewijs waren en niet mochten worden gebruikt. Het hof oordeelde dat de opname van het gesprek met de priester vanwege privacy werd uitgesloten, maar de andere gesprekken mochten als bewijs dienen.
Het hof verwierp het verweer dat appellante onder druk stond en bevestigde dat het wettelijk vermoeden van eigendom door bezit was weerlegd door de bandopnames en betaling van wegenbelasting en verzekeringspremies door geïntimeerde.
Appellante slaagde er niet in voldoende bewijs te leveren dat zij de auto had gekocht, mede door tegenstrijdige verklaringen over geldleningen. Het hof bekrachtigde het vonnis van de rechtbank en veroordeelde appellante in de proceskosten.
Daarnaast werd schadevergoeding toegewezen voor vervanging van sloten en herstel van de spoilerrand, omdat appellante de auto onrechtmatig onder zich had en de schade niet gemotiveerd betwistte.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis dat de auto eigendom is van geïntimeerde en veroordeelt appellante in de proceskosten en schadevergoeding.