ECLI:NL:GHSGR:2009:BL9522
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- mrs. Kamminga
- Mos-Verstraten
- Breederveld
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep partneralimentatie na wijziging omstandigheden en AOW-uitkering
Partijen zijn in hoger beroep over de hoogte van de partneralimentatie die de man aan de vrouw moet betalen na hun echtscheiding. De man betwist de behoefte en behoeftigheid van de vrouw en stelt dat zijn draagkracht is verminderd door een inkomensdaling sinds maart 2008. Het hof onderzoekt de behoefte van de vrouw, haar verdiencapaciteit en het inkomen en vermogen van de man.
De behoefte van de vrouw wordt vastgesteld op €5.470,12 bruto per maand, gebaseerd op een eerdere beschikking en een behoeftelijst die de welstand tijdens het huwelijk weerspiegelt. De vrouw heeft geen pensioenvoorziening getroffen, maar het hof acht haar behoefte niet lager dan vastgesteld. De vrouw heeft een beperkt inkomen en vermogen, wat niet in mindering wordt gebracht op haar behoefte.
De man heeft sinds maart 2008 een lager inkomen, maar het hof concludeert dat hij voldoende draagkracht heeft om €4.000 bruto per maand te betalen. De wettelijke indexering wordt niet uitgesloten. Vanaf 14 juli 2009 wordt de alimentatie verminderd met de AOW-uitkering van de vrouw, maar de fiscale voordelen hiervan leiden niet tot een netto hoger inkomen dan haar behoefte.
Voor de periode na 1 maart 2010 is onvoldoende financiële informatie beschikbaar om een alimentatie vast te stellen, waardoor het hof het verzoek daarvoor afwijst. De bestreden beschikking wordt verder bekrachtigd en het hoger beroep wordt voor het overige afgewezen.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de partneralimentatie van €4.000 bruto per maand vanaf 1 maart 2008, met verrekening van AOW-uitkering vanaf 14 juli 2009, en wijst verdere verzoeken af.