ECLI:NL:GHSGR:2009:BL4268
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Van Leuven
- Kamminga
- Van Montfoort
- Rechtspraak.nl
Bevestiging omgangsregeling met begeleide omgang tussen vader en minderjarige
In deze zaak staat de omgang tussen de vader en zijn minderjarige kind centraal. De moeder heeft ernstige zorgen geuit over de veiligheid van het kind bij een omgangsregeling. Het hof heeft een deskundigenbericht in het kader van een ouderschapsonderzoek laten verrichten, waarin wordt geadviseerd dat de omgang in een beginfase begeleid dient plaats te vinden, met een geleidelijke opbouw naar onbegeleide omgang.
Het deskundigenrapport geeft geen contra-indicaties voor omgang, maar benadrukt het belang van rust, structuur en het rekening houden met de gevoeligheden van het kind. De reacties van het kind op eerdere omgangscontacten zijn volgens het hof vergelijkbaar met normale reacties van kinderen in scheidingssituaties. Het hof benadrukt dat ouders hun geschillen moeten bijleggen om de kloof tussen het kind en de niet-verzorgende ouder niet te vergroten.
Het hof volgt het advies van de deskundige en bekrachtigt de eerdere beschikking van de rechtbank die een begeleide omgang en een informatieregeling over het welzijn van het kind voorschrijft. Tevens wordt de vergoeding voor het deskundigenonderzoek vastgesteld en toegewezen aan de deskundige. Het hoger beroep wordt verder afgewezen.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de beschikking met een begeleide omgangsregeling en wijst het overige hoger beroep af.