ECLI:NL:GHSGR:2009:BK9045
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- van Nievelt
- Stille
- van Dijk
- Rechtspraak.nl
Verdeling huwelijksgoederengemeenschap en gevolgen uitsluitingsclausule bij nalatenschap onroerend goed
In deze zaak staat de verdeling van de ontbonden huwelijksgoederengemeenschap centraal, waarbij partijen overeenkwamen 1 juni 2005 als peildatum te hanteren. De man betwist het oordeel van de rechtbank dat hij geen vordering heeft op de gemeenschap ter vergoeding van een groot bedrag en stelt dat hij pas in 2005 door middel van een legaat de economische eigendom van het onroerend goed heeft verkregen.
Het hof onderzoekt de juridische en economische eigendom van het negen tiende aandeel in het onroerend goed, waarbij een uitsluitingsclausule in het testament van de vader van de man bepaalt dat dit aandeel niet tot de huwelijksgemeenschap behoort. De man heeft gekozen voor levering op grond van het legaat, waardoor het aandeel buiten de gemeenschap valt. Er wordt tevens aandacht besteed aan de vraag of de man aan zijn inbrengverplichting heeft voldaan, waarvoor hij aanvullende stukken moet overleggen.
Daarnaast wordt de waarde van jachtgeweren en de hoogte van een schuld in rekening courant betwist door de vrouw, die ook wettelijke rente vordert. Het hof wijst dit verzoek af omdat de vrouw in eerste aanleg geen aanspraak op rente maakte en de man het verschuldigde bedrag tijdig heeft voldaan. Verder wordt de afkoopwaarde van een stamrechtverplichting en de rekening-courantschuld van een besloten vennootschap besproken, waarbij het hof aanvullende stukken opvraagt om de juiste waardering te bepalen.
Het hof besluit de zaak aan te houden en stelt partijen in de gelegenheid aanvullende gegevens te overleggen en schriftelijk te reageren, waarna een verdere beslissing zal volgen.
Uitkomst: Het hof houdt de zaak aan en verzoekt partijen aanvullende stukken te overleggen voor verdere beslissing.