ECLI:NL:GHSGR:2009:BK7380
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- M.L.C.C. de Bruijn-Lückers
- R.C.A. Duindam
- J.A.C. Bartels
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor moord op jonge moeder met voorbedachten rade
De verdachte heeft op 30 oktober 1990 een jonge vrouw, moeder van twee kinderen, met voorbedachten rade om het leven gebracht in Rotterdam. Het slachtoffer werd zes weken later in een tuin aangetroffen in verregaande staat van ontbinding, met aanwijzingen van geweld zoals een snoerspoor en botbeschadigingen aan de onderkaak.
De verdediging voerde aan dat de doodsoorzaak niet vaststaat, dat de tijd en plaats van overlijden onduidelijk zijn, en dat er onvoldoende bewijs is dat de verdachte de dader is. Tevens werden getuigenverklaringen betwist vanwege vermeende onbetrouwbaarheid en motieven. Het hof verwierp deze verweren, onder meer omdat verklaringen van meerdere getuigen elkaar ondersteunen en deskundigen de betrouwbaarheid bevestigen.
Het hof oordeelde dat het slachtoffer door verwurging en/of slaan met een hard voorwerp is overleden, en dat de verdachte dit met kalm beraad en rustig overleg heeft gedaan. De verdachte had een motief vanwege een conflict over een frauduleuze geldtransactie en had de doodsbedreiging met de uitdrukking van het ombinden van een witte doek geuit. Het hof achtte de verdachte strafbaar en veroordeelde hem tot 7 jaar en 9 maanden gevangenisstraf, met aftrek van voorarrest.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 7 jaar en 9 maanden gevangenisstraf wegens moord met voorbedachten rade.