ECLI:NL:GHSGR:2009:BK5641
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Kamminga
- Dusamos
- Mulder
- Rechtspraak.nl
Ontzegging omgangsrecht vader met minderjarige voor de duur van één jaar wegens zwaarwegende belangen kind
In deze zaak staat de omgang tussen een vader en zijn minderjarige dochter centraal. De raad voor de kinderbescherming concludeerde dat er geen zwaarwegende belangen waren die contact in de weg stonden, maar het kind weigerde mee te werken aan de omgangsregeling. Het hof verzocht daarop Jeugdzorg onderzoek te doen naar de beweegredenen van het kind en het belang van de omgang.
Uit het rapport van Jeugdzorg bleek dat het veertienjarige meisje grote weerstand heeft tegen contact met haar vader, ook bij begeleide omgang. Zij gaf aan weg te lopen als zij daartoe gedwongen zou worden, mede vanwege ervaringen met huiselijk geweld en een slechte band met haar vader. De raad vermoedde een loyaliteitsconflict.
Het hof oordeelt dat het forceren van contact de draagkracht van het kind te boven gaat en in strijd is met haar zwaarwegende belangen. Daarom ontzegt het hof de vader het recht op omgang voor de duur van één jaar. Het hof wijst een bemiddelingstraject af en verwijst naar jurisprudentie van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens en de Hoge Raad, die bepalen dat een dergelijke ontzegging tijdelijk is en na een jaar heroverwogen kan worden.
Uitkomst: Het hof ontzegt de vader het recht op omgang met de minderjarige voor de duur van één jaar.