ECLI:NL:GHSGR:2009:BK5017
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Van den Wildenberg
- Mos-Verstraten
- Linsen-Penning de Vries
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot wijziging verblijfplaats minderjarige ondanks gezag moeder
In deze zaak staat de gewone verblijfplaats van een minderjarige centraal, waarbij de moeder het gezag heeft en de vader de verzorging en opvoeding op zich neemt sinds de geboorte. De moeder was naar het buitenland vertrokken en liet het kind bij de vader achter, met haar instemming. De vader heeft sindsdien voor het kind gezorgd en er is een omgangsregeling tussen moeder en kind.
De vader verzoekt het hof de beschikking van de rechtbank te vernietigen die de verblijfplaats van het kind bij de moeder bepaalt, omdat hij van mening is dat de hechtingsrelatie met het kind en de stabiliteit in het belang van het kind zijn. De moeder stelt dat de rechtbank terecht heeft beslist en benadrukt haar gezagspositie.
Het hof overweegt dat op grond van artikel 1:253s BW de verblijfplaats van het kind slechts met toestemming van de vader gewijzigd kan worden, omdat het kind met instemming van de moeder bij de vader is verzorgd en opgevoed. Nu de vader geen toestemming geeft, kan de verblijfplaats niet worden gewijzigd. Het hof vernietigt daarom de bestreden beschikking en wijst het verzoek van de moeder af.
Uitkomst: Het hof wijst het verzoek van de moeder tot wijziging van de verblijfplaats van de minderjarige af vanwege het ontbreken van toestemming van de vader.