ECLI:NL:GHSGR:2009:BK4107
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- De Haan-Boerdijk
- Van Leuven
- Fockema Andreae-Hartsuiker
- Rechtspraak.nl
Verlenging machtiging uithuisplaatsing minderjarige noodzakelijk wegens ontwikkelingsproblematiek en opvoedingssituatie
De moeder is in hoger beroep gekomen tegen de verlenging van de machtiging tot plaatsing van haar minderjarige kind in een residentiële instelling en daarna in een pleeggezin. Zij stelt dat zij haar leven weer op orde heeft en in staat is voor het kind te zorgen, en verzoekt subsidiair om plaatsing bij haar zuster.
Het hof oordeelt dat de verlenging noodzakelijk is in het belang van de verzorging en opvoeding van het kind. De minderjarige kampt met een ontwikkelingsachterstand en een onveilige hechting, waardoor hij gebaat is bij een rustig en stabiel opvoedingsklimaat. De moeder heeft moeite met het stellen van grenzen en toont onvoldoende inzicht in haar opvoedkundige mogelijkheden. Tevens blijkt zij afhankelijk van het kind voor haar eigen structuur.
Jeugdzorg heeft zorgen over de naleving van afspraken door de moeder en het vermogen om het kind stabiliteit te bieden. Het hof deelt deze zorgen en wijst het alternatief van plaatsing bij de zuster af vanwege onvoldoende onderbouwing en risico's in de loyaliteitssfeer. Het hof bekrachtigt daarom de bestreden beschikking tot verlenging van de machtiging tot uithuisplaatsing.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de verlenging van de machtiging tot uithuisplaatsing van de minderjarige voor de periode van één jaar.