ECLI:NL:GHSGR:2009:BK2706

Gerechtshof 's-Gravenhage

Datum uitspraak
23 september 2009
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
105.011.184-01
Instantie
Gerechtshof 's-Gravenhage
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
  • Van Leuven
  • Van Dijk
  • Fockema Andreae-Hartsuiker
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 1:250 BWArt. 1:296 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Tijdelijke voogdij benoeming en aanstelling bijzondere curator voor minderjarige na geschil over testamentaire voogdij

In deze zaak staat de voogdij over een minderjarige centraal, waarbij de testamentaire voogdij van de tante wordt bestreden door de verwekker van het kind. De tante heeft aangegeven de voogdij niet langer aan te kunnen en verzocht om ontslag uit de voogdij. De Raad voor de Kinderbescherming heeft onderzocht wat in het belang van de minderjarige is en concludeerde dat tijdelijke voogdij door Bureau Jeugdzorg noodzakelijk is.

Het hof vernietigde de eerdere beschikking en benoemde Bureau Jeugdzorg Agglomeratie Amsterdam, locatie Wildenborch, tot tijdelijke voogd. Tevens werd een bijzondere curator, mevrouw drs. O.B. Koppens, orthopedagoog, aangesteld om de belangen van de minderjarige te behartigen. De behandeling werd pro forma aangehouden tot december 2009 om verdere voortgang te monitoren.

De kostenregeling voor de bijzondere curator werd besproken, waarbij werd opgemerkt dat de Wet op de rechtsbijstand van toepassing is en dat aan de minderjarige geen eigen bijdrage wordt opgelegd. De bijzondere curator dient zelf een toevoeging aan te vragen. Het hof benadrukte het belang van een snelle en zorgvuldige voorziening in het gezag over de minderjarige.

Uitkomst: Het hof vernietigt de voogdijbeschikking van de tante en benoemt Bureau Jeugdzorg tijdelijk tot voogd met aanstelling van een bijzondere curator.

Uitspraak

GERECHTSHOF ’s-GRAVENHAGE
Familiesector
Uitspraak : 23 september 2009
Zaaknummer : 105.011.184/01
Rekestnummer : 611-R-07
Rekestnr. rechtbank : 781740 GZ VERZ 07-254
[appellant],
wonende te [woonplaats],
verzoeker in hoger beroep,
hierna te noemen: de man,
advocaat mr. J.M.L.G. de Jong, te [woonplaats],
tegen
[geïntimeerde],
wonende te [woonplaats],
verweerster in hoger beroep,
hierna te noemen: de tante,
advocaat mr. M.L. Daniëls-Vetter, te [woonplaats].
Als informant is opgeroepen:
de raad voor de kinderbescherming,
Regio Amsterdam Gooi en Vecht, Locatie Amsterdam,
verder: de raad.
HET VERDERE PROCESVERLOOP IN HOGER BEROEP
Het hof verwijst voor het verloop van het geding naar zijn tussenbeschikking van 15 juli 2009, waarvan de inhoud hier als herhaald en ingelast moet worden beschouwd. Bij die beschikking is de man ontvankelijk verklaard in zijn hoger beroep en iedere verdere beslissing aangehouden.
Nadien is bij het hof op 28 juli 2009 een brief van de zijde van de tante ingekomen.
Op 23 september 2009 is de mondelinge behandeling voortgezet. Verschenen zijn: de advocaat van de man en namens de raad is verschenen mevrouw [B.P.] De man, de tante, alsmede haar advocaat zijn, hoewel daartoe behoorlijk opgeroepen, niet verschenen. Betrokkenen hebben het woord gevoerd.
VERDERE BEOORDELING VAN HET HOGER BEROEP
1. In geschil is de voogdij ten aanzien van [de minderjarige].
2. Namens de raad is ter terechtzitting verklaard dat het in het belang van [de minderjarige] is dat hij zo snel mogelijk in een 24-uurssetting wordt geplaatst, maar dat het tot op heden niet is gelukt hem te plaatsen. Momenteel verblijft hij op vrijwillige en tijdelijke basis in een gastgezin, nadat de situatie bij de tante is geëscaleerd. De raad heeft onderzocht hoe het beste in het gezag van [de minderjarige] kan worden voorzien, nu de tante heeft aangegeven de voogdij niet aan te kunnen en een verzoek heeft ingediend met ontslag uit de voogdij. Op basis van dit onderzoek, waarvan de resultaten neergelegd zijn in het raadsrapport van 20 mei 2009, acht de raad het in het belang van [de minderjarige] dat Bureau Jeugdzorg Agglomeratie Amsterdam, locatie Wildenborch, tijdelijk met de voogdij over [de minderjarige] wordt belast. Ondertussen kan onderzocht worden op welke wijze de man een rol in het leven van [de minderjarige] kan spelen en mogelijk voogd van [de minderjarige] kan worden. Tot op heden heeft de raad geen inzicht kunnen verkrijgen in de mogelijkheden die de man in dezen biedt. De raad verzoekt het hof om, conform voormeld rapport, Jeugdzorg tijdelijk tot voogd te benoemen en een bijzondere curator aan te stellen.
3. De advocaat heeft zich namens de man ter terechtzitting aan het oordeel van het hof gerefereerd.
4. Het hof is van oordeel dat de bestreden beschikking dient te worden vernietigd en wel met ingang van heden, zodat aan de rechtshandelingen die de tante heeft verricht in de periode dat zij belast was met de voogdij over [de minderjarige] de rechtsgrond niet ontvalt. Het hof acht - in afwachting van nader onderzoek door de raad ten aanzien van de voogdij - een tijdelijke voorziening in de voogdij over [de minderjarige] als bedoeld in artikel 1:296 van Pro het Burgerlijk Wetboek noodzakelijk. Het hof benoemt, op verzoek van de raad en voor zover nodig ambtshalve, Bureau Jeugdzorg Agglomeratie Amsterdam, locatie Wildenborch, met ingang van heden tot tijdelijke voogd over [de minderjarige]. Voorts benoemt het hof tot bijzondere curator over [de minderjarige]: mevrouw drs. O.B. Koppens te Amsterdam. Zij heeft zich bereid verklaard deze opdracht op zich te nemen. Voor het overige zal het hof de behandeling pro forma aanhouden tot zaterdag 20 december 2009. Het hof verzoekt partijen het hof uiterlijk voor ommekomst van deze termijn te berichten over de voortgang van voormeld onderzoek.
5. Met betrekking tot de kosten overweegt het hof als volgt. Artikel 1:250 BW Pro is gewijzigd bij de Wet bevordering voortgezet ouderschap en zorgvuldige scheiding. Volgens de Nadere Memorie van Antwoord bij dit wetsvoorstel, 30145 E, p.2, is niet in een bijzondere regeling voor de financiering van de bijzondere curator voorzien. Wel is de Wet op de rechtsbijstand van toepassing. Aan de minderjarige wordt geen eigen bijdrage opgelegd. Om in aanmerking te komen voor toevoeging dient de bijzondere curator ingeschreven te zijn in het register van de Raad voor rechtsbijstand en dient zij vervolgens zelf een toevoeging aan te vragen.
6. Mitsdien wordt als volgt beslist.
BESLISSING OP HET HOGER BEROEP
Het hof:
vernietigt de bestreden beschikking met ingang van heden en, opnieuw beschikkende:
benoemt Bureau Jeugdzorg Agglomeratie Amsterdam, locatie Wildenborch, met ingang van heden tot tijdelijk voogd van [de minderjarige], geboren [in] 1995 te [geboorteplaats];
benoemt, uitvoerbaar bij voorraad, tot bijzondere curator over [de minderjarige]:
mevrouw drs. O.B. Koppens, orthopedagoog,
kantoorhoudende te Amsterdam,
[adres],
houdt iedere verdere beslissing aan tot zaterdag 20 december 2009 pro forma;
alvorens verder te beslissen:
houdt iedere verdere beslissing aan.
Deze beschikking is gegeven door mrs. Van Leuven, Van Dijk en Fockema Andreae-Hartsuiker, bijgestaan door mr. Willems als griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 23 september 2009 en geminuteerd op 7 oktober 2009.