ECLI:NL:GHSGR:2009:BK1483
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep kort geding
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing vorderingen Konecranes wegens onregelmatig ontslag en niet-naleving concurrentiebeding
In deze zaak staat centraal de vraag of [geïntimeerde 1] gehouden is aan het concurrentiebeding in zijn arbeidsovereenkomst met Konecranes en of het ontslag op staande voet rechtsgeldig was. [geïntimeerde 1] werd op 23 februari 2009 op non-actief gesteld en op 12 maart 2009 op staande voet ontslagen wegens vermeende schending van het concurrentiebeding door betrokkenheid bij Liftcom, een concurrerend bedrijf.
Konecranes vorderde onder meer naleving van het concurrentiebeding, staking van activiteiten via Liftcom en medewerking aan een boekenonderzoek. [geïntimeerde 1] betwistte de geldigheid van het ontslag en de binding aan het concurrentiebeding, en stelde dat het ontslag niet onverwijld was gegeven.
Het hof oordeelde dat het ontslag niet onverwijld was gegeven en daarom onregelmatig, waardoor Konecranes geen rechten aan het concurrentiebeding kan ontlenen. De vorderingen jegens [geïntimeerde 1] en Liftcom worden afgewezen. Ook de gevorderde rectificatie door [geïntimeerde 1] wordt afgewezen omdat Konecranes een redelijk belang had bij communicatie met klanten na de non-actiefstelling.
Het hof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank Rotterdam en veroordeelt Konecranes in de kosten van het principaal appel, en [geïntimeerde 1] in de kosten van het incidenteel appel.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank en wijst de vorderingen van Konecranes af wegens onregelmatig ontslag en niet-naleving van het concurrentiebeding.