ECLI:NL:GHSGR:2009:BJ9230
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- R.S. van Coevorden
- V. Disselkoen
- J. Kramer
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over verplichte premiebetaling onder SOOB-CAO en dispensatie
Getru Koeltransport B.V. voerde hoger beroep tegen een vonnis dat haar veroordeelde tot betaling van premies aan de Stichting Opleidings- en Ontwikkelingsfonds (SOOB) over de jaren 2004, 2005 en 2006. De kern van het geschil betrof de vraag of Getru onder de werkingssfeer van de algemeen verbindend verklaarde SOOB-CAO viel en of de intrekking van dispensatie door de Minister van SZW met terugwerkende kracht geldig was.
Het hof oordeelde dat de intrekking van de dispensatie formele rechtskracht heeft, omdat Getru geen tijdig beroep instelde tegen de beslissing op bezwaar. Hierdoor is de terugwerkende kracht van de intrekking rechtsgeldig en moet Getru over 2004 premies betalen. Ten aanzien van de jaren 2005 en 2006 stelde Getru dat zij gebonden was aan de CAO Altro Via en daarom niet onder de SOOB-CAO viel. Het hof stelde vast dat de CAO Altro Via rechtsgeldig tot stand was gekomen en kracht van cao had gekregen vanaf 16 juni 2005, waardoor Getru vanaf dat moment geen premies aan SOOB verschuldigd was.
Het hof verwierp het standpunt van de Stichting dat dispensatie vereist was om van de SOOB-CAO uitgezonderd te zijn en oordeelde dat de uitzondering in de werkingssfeerbepaling van de SOOB-CAO zelf voldoende was. De zaak werd verwezen naar de rol om de Stichting in de gelegenheid te stellen haar vorderingen te herberekenen op basis van deze bevindingen, waarna Getru daarop kan reageren. Het hof hield verdere beslissing aan.
Uitkomst: De intrekking van dispensatie heeft formele rechtskracht en Getru is premies aan SOOB verschuldigd tot 16 juni 2005, daarna niet meer.