ECLI:NL:GHSGR:2009:BJ2434
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- A.V. van den Berg
- J. Kramer
- J.C.N.B. Kaal
- Rechtspraak.nl
Beoordeling aansprakelijkheid Provincie Zeeland voor onrechtmatige overheidsdaad inzake milieuvergunning en organisch halogeengehalte brandstoffen
Eastman exploiteert een harsenproductiebedrijf waar Solvenol, een fractie met brandbare stoffen en organische halogeenverbindingen, als brandstof wordt gebruikt. De Provincie Zeeland verleende in 1996 een milieuvergunning met een limiet van 500 ppm organische halogeenverbindingen, maar wijzigde dit in 2001 en legde beperkingen op vanwege regelgeving die het gehalte terugbracht tot 50 ppm.
De Afdeling bestuursrechtspraak vernietigde in 2003 de besluiten van de Provincie die Solvenol als afvalstof bestempelden. In 2005 gaf de Provincie een nieuwe vergunning met een limiet van 500 ppm. Eastman vorderde schadevergoeding wegens de beperkingen, maar de rechtbank wees deze af. Eastman ging in hoger beroep met meerdere grieven tegen de feitenvaststelling en het oordeel over het causaal verband.
Het hof oordeelt dat Eastman vanaf 1999 geen Solvenol met meer dan 50 ppm organische halogeenverbindingen mocht gebruiken zonder een specifieke vergunning, die zij toen niet had. De kosten die Eastman maakte door het niet mogen toepassen van deze brandstof hadden ook zonder de onrechtmatige besluiten gemaakt moeten worden. Ook het exportverbod werd door het hof bevestigd als niet strijdig met het EG-verdrag.
Het hof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank en veroordeelt Eastman in de proceskosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank en wijst de schadevorderingen van Eastman af wegens ontbreken van causaal verband.