ECLI:NL:GHSGR:2009:BI4670
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep kort geding
- C.G. Beyer-Lazonder
- T.L. Tan
- R.S. van Coevorden
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep in kort geding over ontruiming wegens huurachterstand en illegale ingebruikgeving woning
Moeder [X] huurt een woning van Woonstad Rotterdam, maar er is discussie over wie er feitelijk woont. De dochter [X] heeft de huurovereenkomst namens haar moeder getekend en blijkt de woning te gebruiken, terwijl de moeder elders verblijft. Er is sprake van een huurachterstand van enkele maanden.
Woonstad Rotterdam vordert ontruiming van de woning in kort geding wegens het niet bewonen door de huurder en illegale ingebruikgeving aan derden, alsmede vanwege de huurachterstand. De kantonrechter veroordeelt moeder en dochter tot ontruiming en betaling van de huurachterstand.
In hoger beroep betwisten moeder en dochter de ontruiming en stellen dat bewijslevering over de feitelijke bewoning noodzakelijk is, wat in kort geding niet kan plaatsvinden. Het hof oordeelt dat de huurachterstand een tekortkoming is, maar dat ontruiming een ingrijpende maatregel is die zorgvuldige belangenafweging vereist, beter geschikt voor bodemprocedure.
Het hof vernietigt het vonnis voor wat betreft ontruiming en wijst deze vordering af. De veroordeling tot betaling van de huurachterstand blijft in stand. Proceskosten in eerste aanleg worden gecompenseerd. De incidentele vordering tot schorsing van de uitvoerbaarheid wordt afgewezen.
Uitkomst: Het hof wijst de ontruimingsvordering af en veroordeelt moeder [X] tot betaling van de huurachterstand met rente.