ECLI:NL:GHSGR:2008:BH0780
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Th.W.H.E. Schmitz
- M.A.F. Tan-de Sonnaville
- R. van der Vlist
- Rechtspraak.nl
Nietigheid van dagvaarding en gevolgen onrechtmatig executoriaal beslag in civiele procedure
In deze civiele zaak staat centraal de vraag of de dagvaarding en het daarop gebaseerde verstekvonnis rechtsgeldig zijn betekend aan appellant, handelend onder de naam [X]. Het hof stelt vast dat de betekening plaatsvond op een adres dat niet de woonplaats van appellant was, waardoor de dagvaarding nietig is. Dit leidde tot een onrechtmatige executoriale beslaglegging op het appartementsrecht van appellant.
Appellant had op het moment van betekening zijn woonplaats op een ander adres dan waar de exploten werden achtergelaten. De deurwaarder handelde daarmee in strijd met artikel 47 Rv Pro. Het gevolg is dat het verstekvonnis van 9 december 2003 nietig is en de daarop gebaseerde executie eveneens. Appellant had het verschuldigde bedrag reeds voldaan voordat hij verzet aantekende.
Het hof oordeelt dat de executoriale beslaglegging onrechtmatig was en veroordeelt de uitgeverij tot vergoeding van de door appellant geleden schade, waaronder proceskosten, makelaarskosten en incassokosten. Tevens wordt bevestigd dat de betaling van € 357,70 op 24 januari 2005 tegen finale kwijting is verricht. Het vonnis van eerste aanleg en het vonnis in verzet worden vernietigd en het arrest is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Het hof verklaart de dagvaarding nietig, vernietigt het verstekvonnis en het executoriaal beslag, en veroordeelt de uitgeverij tot schadevergoeding aan appellant.