ECLI:NL:GHSGR:2008:BG3859
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- A.V. van den Berg
- A.H. de Wild
- G. Dulek-Schermers
- Rechtspraak.nl
Geschil over kosten sanering bodemverontreiniging na verkoop bedrijfspand
PBN VASTGOED B.V. kocht een bedrijfspand van appellant, waarbij in de koopovereenkomst was bepaald dat de verkoper niet bekend was met bodemverontreiniging en dat de koper op eigen kosten een bodemonderzoek zou laten uitvoeren. Uit bodemonderzoeken bleek bodemverontreiniging aanwezig, waaronder een lekkende ondergrondse olietank die tijdens bouwwerkzaamheden werd ontdekt. PBN liet de tank verwijderen en de bodem saneren en vorderde de kosten hiervan van appellant.
De rechtbank kende PBN grotendeels gelijk, maar appellant stelde onder meer dat de verontreiniging niet ten nadele was van het gebruik als bedrijventerrein en dat hij niet tijdig op de hoogte was gesteld van de olietank, waardoor het beroep op non-conformiteit niet terecht was. Het hof oordeelde dat het gebruik als bedrijventerrein ook het vervangen van bebouwing en ontgravingen omvat, waardoor de kosten voor sanering voor rekening van appellant komen.
Verder stelde het hof dat kennisgeving aan de notaris niet gelijkstaat aan kennisgeving aan appellant zelf en dat appellant niet binnen bekwame tijd op de hoogte was gesteld van de olietank. Het hof liet PBN toe bewijs te leveren over de noodzakelijkheid van de tankverwijdering en sanering en hield verdere beslissing aan voor nadere bewijslevering en beoordeling van overige grieven.
Uitkomst: Het hof bevestigt dat appellant aansprakelijk is voor de saneringskosten en houdt verdere beslissing aan voor bewijslevering over de noodzaak van de sanering.