ECLI:NL:GHSGR:2008:BF6790
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- M.H. van Coeverden
- M.J. van der Ven
- V. Disselkoen
- Rechtspraak.nl
Kennelijk onredelijk ontslag wegens bedrijfseconomische redenen met toepassing kantonrechtersformule
De werknemer trad in 1970 in dienst bij de Vereniging Nederlandse Draf en Rensport (NDR) en was laatstelijk hoofd van de afdeling rensport. In 2004 besloot NDR tot een reorganisatie waarbij het personeelsbestand met acht medewerkers, waaronder de werknemer, werd ingekrompen. De CWI verleende toestemming voor het ontslag wegens bedrijfseconomische redenen, waarna de arbeidsovereenkomst per 1 juni 2005 werd beëindigd.
De werknemer stelde dat het ontslag kennelijk onredelijk was, onder meer omdat het bestuur niet bevoegd was de ontslagvergunning aan te vragen, het ancienniteitsbeginsel was geschonden en de aan de toestemming verbonden voorwaarde was overtreden. De rechtbank wees de vordering af, maar het hof vernietigde dit vonnis en verklaarde het ontslag kennelijk onredelijk.
Het hof overwoog dat de werknemer onvoldoende had onderbouwd dat het ancienniteitsbeginsel was geschonden en dat het bestuur bevoegd was. Wel oordeelde het hof dat NDR geen vergoeding had aangeboden, wat bij de slechte financiële situatie van NDR niet aannemelijk was, zodat het ontslag kennelijk onredelijk was. Het hof paste de kantonrechtersformule toe met een factor van 2/3, wat resulteerde in een bruto schadevergoeding van circa €73.500.
De kosten van eerste aanleg en hoger beroep werden gecompenseerd, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt. Het arrest werd op 14 oktober 2008 uitgesproken door het hof 's-Gravenhage.
Uitkomst: Het ontslag is kennelijk onredelijk en de werkgever is veroordeeld tot betaling van een bruto schadevergoeding van €73.500.