ECLI:NL:GHSGR:2008:BF2501
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- J.W. Savelbergh
- P.J.J. Vonk
- J.J.J. Engel
- Rechtspraak.nl
Vernietiging navorderingsaanslag vennootschapsbelasting wegens ontbreken nieuw feit en onterecht winstcorrectie
Belanghebbende, een besloten vennootschap, kreeg voor het jaar 1998 een navorderingsaanslag opgelegd door de Inspecteur, gebaseerd op een vermeende winstcorrectie wegens kwijtschelding van een schuld aan haar moedermaatschappij D B.V. De rechtbank had het beroep van belanghebbende ongegrond verklaard, waarna belanghebbende in hoger beroep ging.
Het hof stelde vast dat het nieuwe feit dat aan de navorderingsaanslag ten grondslag lag, namelijk een overeenkomst over de lening tussen belanghebbende en D B.V., redelijkerwijs niet bekend kon zijn bij de Inspecteur ten tijde van de primitieve aanslag. Het hof verwierp het standpunt van belanghebbende dat de eerste navorderingsaanslag op dezelfde feiten was gebaseerd, omdat deze berustte op een tikfout.
Verder oordeelde het hof dat er geen sprake was van kwijtschelding van de schuld, omdat de crediteur niet definitief afstand had gedaan van haar vordering. De mantelovereenkomst bevestigde juist dat de lening renteloos en aflossingsvrij was zolang de financiering van de bank bestond, zonder dat dit een kwijtschelding inhield.
Gelet op deze overwegingen vernietigde het hof de uitspraak van de rechtbank, de uitspraak op bezwaar, de navorderingsaanslag en de verliesverrekeningsbeschikking. Proceskosten werden niet toegewezen omdat belanghebbende de procedure voerde in hoedanigheid van directeur.
Uitkomst: De navorderingsaanslag vennootschapsbelasting 1998 wordt vernietigd wegens ontbreken van een nieuw feit en onterecht winstcorrectie.