ECLI:NL:GHSGR:2008:BD2921
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- van Nievelt
- Husson
- Bouritius
- Rechtspraak.nl
Vaststelling draagkracht man voor partneralimentatie na inkomensdaling
In deze zaak stond de draagkracht van de man ten aanzien van de partneralimentatie aan de vrouw centraal. De man was in hoger beroep gekomen tegen een beschikking van de rechtbank die zijn alimentatieverplichting baseerde op een gemiddeld inkomen over de jaren 2004 tot en met 2006. Hij stelde dat vanwege een inkomensachteruitgang door minder werkuren en fysieke beperkingen alleen het inkomen van het laatste jaar als uitgangspunt moest gelden.
Het hof oordeelde dat de man voldoende aannemelijk had gemaakt dat de inkomensdaling niet aan hem te wijten was, mede door een brief van de werkgever die de arbeidsovereenkomst voor 36 uur per week opzegde en een contract voor 32 uur aanbood. De vrouw voerde aan dat de man bewust zijn inkomen had verlaagd om alimentatie te ontduiken, maar dit werd niet onderbouwd. Ook werd rekening gehouden met het inkomen van de huidige echtgenote van de man.
Daarnaast werden de lasten van de man beoordeeld, waarbij het hof rekening hield met zorg- en huurtoeslag, maar niet met betwiste aflossingen van een doorlopend krediet. Uiteindelijk stelde het hof de draagkracht van de man vast op een bedrag dat een alimentatie van €216 per maand toelaat, waarmee de eerdere beschikking werd vernietigd en gewijzigd. De alimentatie is met ingang van 8 mei 2007 vastgesteld en de beschikking is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: De partneralimentatie van de man aan de vrouw wordt vastgesteld op €216 per maand met ingang van 8 mei 2007.