ECLI:NL:GHSGR:2008:BC9481
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Mos-Verstraten
- Husson
- Kamminga
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep partneralimentatie en draagkracht na echtscheiding met woningverdeling
In deze zaak stond de hoogte van de partneralimentatie na echtscheiding centraal, waarbij het hof de draagkracht van de man in drie perioden heeft beoordeeld: tot 1 april 2008, tussen 1 april 2008 en de overdracht van de woning, en vanaf de overdracht van de woning. De man was het niet eens met de vastgestelde partneralimentatie en stelde dat zijn draagkracht lager was vanwege het vervallen van hypotheekrenteaftrek en dubbele woonlasten.
De vrouw stelde daartegen dat de man zijn inkomen niet volledig had verantwoord en dat de kinderalimentatie niet te hoog mocht zijn vastgesteld, zodat er meer ruimte voor partneralimentatie zou zijn. Het hof stelde vast dat de man een bruto inkomen had van circa €62.596 in 2007 en dat de achteruitgang ten opzichte van 2005 niet aan hem te wijten was. De dubbele woonlasten werden erkend en meegenomen in de draagkrachtberekening.
De partneralimentatie werd vastgesteld op €230 per maand tot 1 april 2008, nihil tussen 1 april 2008 en de overdracht van de woning, en €560 per maand vanaf de overdracht. De verhouding tussen partner- en kinderalimentatie werd bevestigd, waarbij de kinderalimentatie in overeenstemming was met de behoefte van de kinderen. Het hof bepaalde dat de vrouw eventueel teveel betaalde alimentatie niet hoeft terug te betalen vanwege het consumptieve karakter ervan.
Het hof vernietigde de bestreden beschikking voor zover het partneralimentatie betrof en wees het overige in hoger beroep verzochte af.
Uitkomst: Het hof stelde de partneralimentatie vast op basis van drie perioden met aangepaste bedragen en bevestigde de kinderalimentatie, waarbij de vrouw teveel betaalde alimentatie niet hoeft terug te betalen.