ECLI:NL:GHSGR:2008:BC7238
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Van Leuven
- Mos-Verstraten
- Van der Kuijl
- Rechtspraak.nl
Beëindiging gesloten plaatsing minderjarige wegens contra-productieve werking en bevordering thuissituatie
De zaak betreft het hoger beroep van de moeder en de minderjarige tegen een beschikking van de rechtbank Rotterdam die de machtiging tot plaatsing van de minderjarige in een gesloten justitiële inrichting verlengde. De minderjarige verbleef in JJI Den Hey-Acker, maar uit een voortgangsrapportage bleek dat deze plaatsing contraproductief was voor haar ontwikkeling en geestelijke gezondheid.
De moeder en minderjarige stelden dat de machtiging beëindigd moest worden, omdat de voorwaarde van overgang naar een besloten behandelinrichting uiterlijk 1 oktober 2007 niet was nagekomen en de huidige plaatsing niet in het belang van de minderjarige was. Jeugdzorg voerde aan dat thuisplaatsing onverantwoord was en dat een behandeling via Multi System Therapy niet haalbaar was.
Het hof oordeelde dat de noodzaak voor voortzetting van de plaatsing in Den Hey-Acker ontbrak en dat de thuissituatie, ondanks mogelijke beperkingen, meer in het belang van de minderjarige was. De betrokkenheid van familie en de motivatie van de minderjarige om haar opleiding voort te zetten werden meegewogen. Het hof vernietigde de bestreden beschikking voor zover deze de uithuisplaatsing betrof en bepaalde dat de terugkeer naar huis per 29 maart 2008 zou plaatsvinden.
Uitkomst: De machtiging tot gesloten plaatsing van de minderjarige wordt vernietigd en de uithuisplaatsing beëindigd per 29 maart 2008.