ECLI:NL:GHSGR:2008:BC4085
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- J.C. Fasseur-van Santen
- W.A.J. Van Lierop
- T.H. Tanja-van den Broek
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing schadevergoeding bij merkinbreuk op grond van artikel 6:104 BW
Hartman is in hoger beroep gekomen tegen het vonnis van de rechtbank ’s-Gravenhage dat haar vordering tot schadevergoeding wegens merkinbreuk afwees. Zij baseerde haar vordering op artikel 6:104 BW Pro en de Europese Richtlijn 2004/48/EG, waarbij zij schade berekend op basis van een percentage van de winst van Garden Impressions over de jaren 2001-2003.
Het hof oordeelt dat de Richtlijn niet van toepassing is op dit hoger beroep omdat het is ingesteld vóór de implementatiedatum. De rechtbank heeft terecht geoordeeld dat Hartman geen vordering tot winstafdracht heeft ingesteld, maar een schadevergoeding die op winst is gebaseerd, wat onder artikel 6:104 BW Pro valt. Het hof bevestigt dat deze vordering is ingesteld, maar stelt dat Hartman niet heeft voldaan aan haar stelplicht om aannemelijk te maken dat Garden Impressions daadwerkelijk winst heeft genoten door het gebruik van de aanduiding “Prestige”.
Garden Impressions heeft aangevoerd dat de toevoeging “Prestige” een ondergeschikte rol speelt en niet bepalend is voor de koopbeslissing van consumenten. Het hof volgt dit verweer en oordeelt dat Hartman onvoldoende bewijs heeft geleverd om het gevorderde schadebedrag te onderbouwen. Omdat geen andere wijze van schadeberekening is voorgesteld, wijst het hof de vordering af en bekrachtigt het vonnis van de rechtbank. Hartman wordt veroordeeld in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank en wijst de schadevergoeding af wegens onvoldoende bewijs van winsttoename door merkinbreuk.