ECLI:NL:GHSGR:2007:BB9877
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- C.G. Beyer-Lazonder
- T.L. Tan
- J.W. van Rijkom
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over geldlening tussen werkgever en werknemer en bewijslastverdeling
De zaak betreft een geschil tussen een werknemer en Friesland Direct over de vraag of de door Friesland Direct betaalde bedragen een geldlening vormden die terugbetaald moest worden. De werknemer ontkent dat sprake was van een terugbetalingsverplichting en stelt dat de betalingen een verkapte salarisaanvulling waren, bedoeld ter compensatie van een salarisverlaging na overgang van werkgever.
Friesland Direct baseert haar vordering op een schriftelijke akte van geldlening, maar de werknemer betwist de echtheid van de handtekeningen en het bestaan van een terugbetalingsverplichting. Het hof oordeelt dat het bestaan van een geldlening niet zonder meer kan worden aangenomen en dat de bewijslast hiervoor bij Friesland Direct ligt.
Omdat Friesland Direct geen voldoende bewijs heeft geleverd, wijst het hof de vordering af. De werknemer vordert in reconventie een laatste termijn van €600, maar kan dit niet voldoende onderbouwen, zodat deze vordering wordt afgewezen. Het hof vernietigt het vonnis van de rechtbank voor het gedeelte van de vordering van Friesland Direct en bekrachtigt het vonnis in reconventie. De proceskosten in hoger beroep worden gecompenseerd.
Uitkomst: De vordering van Friesland Direct wordt afgewezen wegens onvoldoende bewijs van geldlening, het vonnis in reconventie wordt bekrachtigd.