ECLI:NL:GHSGR:2007:BB0963
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Tanja Labohm
- Van den Broek
- Thomassen Burgers
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-wijzigingsbeding in echtscheidingsconvenant ondanks vervroegd pensioen en inkomensdaling
De zaak betreft een hoger beroep na verwijzing door de Hoge Raad over de uitleg van een niet-wijzigingsbeding in een echtscheidingsconvenant tussen een man en een vrouw. De man had verzocht om verlaging van zijn alimentatieverplichting vanwege zijn vervroegde pensionering en inkomensdaling.
De Hoge Raad had het eerdere arrest van het hof Amsterdam vernietigd en de zaak terugverwezen vanwege onvoldoende motivering over de risicoverdeling tussen partijen, de samenhang tussen alimentatie en andere voorzieningen, en de keuze van de man om zelfstandig ondernemer te worden.
Het hof stelt dat het niet-wijzigingsbeding gericht is op het uitsluiten van wijziging bij toekomstige omstandigheden en dat de vervroegde pensionering en inkomensdaling voor rekening van de man komen, mede omdat hij bewust koos voor een zelfstandige onderneming en niet aannemelijk maakte dat hij geen andere mogelijkheden had. Ook de 90%-bijstandsnorm is niet van toepassing in dit geval.
Ten slotte verklaart het hof de man niet-ontvankelijk in zijn verzoek tot beëindiging van de alimentatie per 1 juni 2008, omdat dit te vroeg is en onvoldoende gefundeerd kan worden beoordeeld. Het hof bekrachtigt daarmee de beschikking van de rechtbank van 29 september 2004.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de beschikking van de rechtbank en wijst het verzoek tot verlaging en beëindiging van de alimentatie af.