ECLI:NL:GHSGR:2007:BB0198
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Labohm
- Dusamos
- Kleykamp-van der Ben
- Rechtspraak.nl
Verrekening van vermogen en waarde woning bij afwikkeling huwelijkse voorwaarden
In deze zaak staat de omvang en hoogte van het te verrekenen vermogen centraal in het kader van de afwikkeling van huwelijkse voorwaarden tussen de man en de vrouw. De man betwist de wijze van verrekening en stelt onder meer dat de waarde van de woning en bedrijfsgebouwen anders moet worden vastgesteld. De vrouw voert aan dat de woning slechts voor een deel in de verrekening behoort en dat sprake is van een verkapte schenking.
Het hof stelt vast dat de WOZ-waarde van de bedrijfsgebouwen een voldoende objectief uitgangspunt is en dat de man onvoldoende heeft aangetoond dat de werkelijke waarde lager is. De woning, die met een geldlening van de moeder van de vrouw is aangeschaft, moet volgens het hof in de verrekening worden betrokken, ook al is de lening niet afgelost. De vrouw heeft niet aannemelijk gemaakt dat sprake is van een materiële schenking.
Het hof benadrukt dat het verrekenbeding in de huwelijkse voorwaarden geen beperking kent en dat de vermeerdering van vermogens door besparingen uit inkomsten moet worden gedeeld. De verrekeningsvordering wordt vastgesteld op de datum van indiening van het verzoekschrift tot echtscheiding. Het hof benoemt een deskundige voor de waardebepaling van de woning en staat onmiddellijke cassatie toe.
Uitkomst: De huidige waarde van de met hypotheek aangeschafte woning wordt betrokken in de verrekening van het vermogen; benoeming deskundige voor waardebepaling wordt bevolen.