ECLI:NL:GHSGR:2007:BA9860
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Labohm
- Dusamos
- Pannekoek-Dubois
- Rechtspraak.nl
Vaststelling alimentatie en draagkracht bij kosten van huishouding na scheiding
In deze alimentatiezaak stond de vaststelling van de kosten van de huishouding en de draagkracht van de man centraal. De vrouw vorderde een bijdrage in de kosten van de huishouding, waarbij ook de winst uit onderneming en afschrijving op goodwill van de man ter discussie stonden.
Het hof oordeelde dat onder kosten van de huishouding de feitelijke kosten van levensonderhoud van de vrouw en de verzorging van de kinderen vallen. De door de vrouw opgevoerde kosten werden kritisch beoordeeld en waar nodig aangepast, zoals bij woonlasten, telefoonkosten en reserveringen. De bijdrage voor de kinderen bleef ongewijzigd.
Ten aanzien van de draagkracht van de man werd vastgesteld dat niet de volledige winst van zijn vennootschap als inkomen kan worden gerekend vanwege het vennootschappelijk belang en onvoldoende weerstandsvermogen. Circa driekwart van de winst werd aan de algemene reserve toegevoegd en circa een kwart als dividend meegenomen, verminderd met belasting. De afschrijving op goodwill werd niet bij het inkomen betrokken vanwege onzekerheid en liquiditeitsproblemen.
Het hof vernietigde de eerdere beschikking voor wat betreft de bijdrage aan de vrouw en stelde deze vast op €2.110,- bruto per maand. Tevens werd vastgesteld dat de man de eerdere bedragen had voldaan en dat de vrouw een vergoedingsplicht heeft voor het te veel betaalde bedrag. Het verzoek van de vrouw om de man te veroordelen in de proceskosten werd afgewezen.
Uitkomst: De man moet vanaf 1 juli 2006 een bijdrage van €2.110,- per maand aan de vrouw betalen voor de kosten van de huishouding.