ECLI:NL:GHSGR:2007:BA9851
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Tanja-van den Broek Reinking
- Draijer-Udo
- Rechtspraak.nl
Bevestiging huwelijk en afwijzing verzoek tot vervangende erkenning kind
De man verzocht het hof om een beschikking van de rechtbank te vernietigen en primair DNA-onderzoek te gelasten om hem vervangende toestemming te verlenen tot erkenning van het kind, indien hij als verwekker zou worden aangewezen. Subsidiair verzocht hij een andere passende beschikking.
De rechtbank had het verzoek tot vervangende erkenning afgewezen omdat de man gehuwd is, waardoor erkenning niet mogelijk is op grond van artikel 1:204 lid 1 sub e BW Pro. De man betwistte dat er sprake is van een huwelijk in de zin van dit wetsartikel, met name omdat het huwelijk in het buitenland is gesloten en niet in Nederland erkend zou zijn.
Het hof oordeelde dat het huwelijk rechtsgeldig is gesloten in de Dominicaanse Republiek en dat dit huwelijk ook onder het Nederlandse conflictenrecht als zodanig wordt erkend. De stelling van de man dat alleen in Nederland gesloten of erkende huwelijken meetellen, faalt. De ratio van de wettelijke bepaling is de bescherming van het kind en de echtgenote, ongeacht waar het huwelijk is gesloten.
De grief van de man wordt verworpen en het hof bekrachtigt de bestreden beschikking van de rechtbank, waarbij het verzoek tot vervangende erkenning wordt afgewezen. De kostenveroordeling wordt afgewezen.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de beschikking van de rechtbank en wijst het verzoek tot vervangende erkenning af.