ECLI:NL:GHSGR:2007:BA8769
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Van de Vijver
- Savelbergh
- Rechtspraak.nl
Geen aftrek van vooruitbetaalde onderhoudskosten voor pand in 1999
Belanghebbende en zijn vader kochten in 1999 een kantoorpand en sloten een onderhoudsovereenkomst met Beheer BV waarbij zij de onderhoudsverplichtingen voor tien jaar overdroegen tegen een eenmalige betaling van ƒ 463.943 exclusief btw. Belanghebbende bracht een deel van deze betaling in aftrek bij de inkomstenbelasting 1999, maar de Inspecteur wees dit af.
Het geschil betrof de vraag of deze vooruitbetaalde onderhoudskosten aftrekbaar zijn volgens artikel 35 van Pro de Wet op de inkomstenbelasting 1964. Het Hof stelde vast dat de overeenkomst zakelijk was en niet als schijnhandeling kon worden aangemerkt. De onderhoudskosten waren echter niet voldoende concreet gespecificeerd ten tijde van het sluiten van de overeenkomst en de omvang van het onderhoudsrisico was onzeker.
Verder bleek uit de stukken dat de berekening van de onderhoudskosten pas jaren later was gemaakt en gebaseerd was op algemene ervaringscijfers, waardoor de contante waarde van de kosten niet betrouwbaar kon worden vastgesteld. Het Hof concludeerde dat de betaling niet kan worden aangemerkt als aftrekbare onderhoudskosten en verklaarde het beroep ongegrond.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en de aftrek van vooruitbetaalde onderhoudskosten wordt afgewezen.