ECLI:NL:GHSGR:2007:BA3556
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- A.A. Schuering
- C.G. Beyer-Lazonder
- M.J. van der Ven
- Rechtspraak.nl
Bevestiging dat werknemer geen ontslag op staande voet heeft genomen ondanks emotionele opzegging
De zaak betreft een geschil tussen een werknemer en haar werkgever over de vraag of de werknemer op 13 september 2004 ontslag op staande voet heeft genomen. De werknemer had tijdens een kort en emotioneel gesprek aangegeven per direct te willen stoppen vanwege vermeende negatieve opmerkingen van collega’s, waarna zij haar spullen pakte en vertrok. De werkgever hield haar aan dit ontslag, maar de werknemer ontkende later schriftelijk dat zij ontslag had genomen.
De rechtbank oordeelde dat de werkgever de werknemer niet aan het ontslag mocht houden omdat er geen ondubbelzinnige wilsuiting was en de werknemer in een hevige gemoedstoestand verkeerde. Het hof bevestigde dit oordeel en benadrukte dat een werknemer niet te snel mag worden geacht ontslag te hebben genomen, zeker niet bij een kort, emotioneel gesprek zonder nader onderzoek door de werkgever.
Het hof bekrachtigde het vonnis van de rechtbank dat de arbeidsovereenkomst voortduurt en veroordeelde de werkgever in de proceskosten van het hoger beroep. De uitspraak benadrukt het belang van zorgvuldigheid bij het interpreteren van ontslaguitingen van werknemers.
Uitkomst: Het hof bevestigt dat de werknemer geen ontslag op staande voet heeft genomen en de arbeidsovereenkomst voortduurt.