ECLI:NL:GHSGR:2007:AZ8752
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Van Leuven
- Van den Wildenberg
- Reinking
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing omgangsregeling en gezagswijziging in belang kinderen
In deze zaak is in hoger beroep de omgang tussen de vader en zijn minderjarige kinderen en het ouderlijk gezag over hen aan de orde. De vader verzocht om een omgangsregeling waarbij hij de kinderen om de veertien dagen van vrijdag tot maandag bij zich zou hebben en daarnaast om het eenhoofdig gezag over de kinderen toe te wijzen.
De rechtbank had het verzoek tot omgang afgewezen vanwege de heftige strijd tussen de ouders, het loyaliteitsconflict van de kinderen en het advies van de raad voor de kinderbescherming en Jeugdzorg. De vader stelde dat de moeder onwillig was en dat de omgangsregeling noodzakelijk was in het belang van de kinderen. De moeder betwistte dit en gaf aan dat een periode van rust noodzakelijk is om vertrouwen te herstellen.
Jeugdzorg en de raad voor de kinderbescherming gaven aan dat omgang niet in het belang van de kinderen is, mede vanwege de niet-coöperatieve houding van de moeder en de expliciete wens van de kinderen geen omgang te hebben. Het hof oordeelde dat gedwongen omgang de spanningen bij de kinderen zou verergeren en bevestigde daarom de bestreden beschikking. Het verzoek tot eenhoofdig gezag werd eveneens afgewezen omdat dit niet in het belang van de kinderen is.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de afwijzing van de omgangsregeling en het verzoek tot eenhoofdig gezag, omdat gedwongen omgang niet in het belang van de kinderen is.