ECLI:NL:GHSGR:2006:AZ4495
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- A.A. Schuering
- M.H. van Coeverden
- V. Disselkoen
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen ontslag op staande voet wegens onjuiste rittenregistratie werknemer met langdurig dienstverband
Werknemer, sinds 1981 in dienst bij Werkgever en werkzaam als Senior Manager Tax Compliance, werd op 6 januari 2004 op staande voet ontslagen wegens stelselmatige onjuistheden in haar rittenregistraties over 2001-2003. Werkgever stelde dat de werknemer onzorgvuldig was geweest en dat dit het vertrouwen ernstig had geschaad, mede vanwege haar voorbeeldfunctie.
De rechtbank verklaarde het ontslag nietig en veroordeelde Werkgever tot betaling van loon, wettelijke verhogingen en proceskosten. Werkgever ging in hoger beroep tegen dit vonnis, met name tegen de nietigheid van het ontslag en de toegewezen bedragen.
Het hof overwoog dat hoewel werknemer onzorgvuldig was geweest en ritten niet altijd klopten, er onvoldoende bewijs was dat zij zichzelf per saldo had bevoordeeld. Ook was niet gebleken dat het ontslag onverwijld was gegeven, maar gezien het langdurige dienstverband en haar positieve beoordelingen was het ontslag op staande voet niet gerechtvaardigd.
Het hof vernietigde het deel van het vonnis betreffende netto loonbestanddelen en wettelijke verhogingen en stelde deze bedragen lager vast. Werkgever werd veroordeeld in de kosten van het hoger beroep. Het arrest werd uitgesproken op 10 november 2006.
Uitkomst: Het ontslag op staande voet wordt nietig verklaard en de schadevergoeding wordt gematigd tot € 5.000 aan wettelijke verhogingen en een aangepaste netto loonbetaling.