ECLI:NL:GHSGR:2006:AZ4158
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- C.G. Beyer-Lazonder
- M.J. van der Ven
- J.W. van Rijkom
- Rechtspraak.nl
Beoordeling finale kwijting in overnameovereenkomst en vordering pensioen- en ziektekostenpremies
GTI en Centric sloten op 14 september 2000 een overnameovereenkomst waarbij Centric een deel van GTI's activiteiten overnam. In de overeenkomst waren afspraken gemaakt over pensioen- en ziektekostenpremies en de afwikkeling van lopende projecten. Op 5 maart 2001 bevestigden partijen nadere afspraken, inclusief een finale kwijting voor openstaande posten.
GTI vorderde betaling van pensioen- en ziektekostenpremies die zij voor Centric had voldaan. Centric verweerde zich met een beroep op de finale kwijting. De rechtbank oordeelde dat de kwijting slechts zag op de in de nadere overeenkomst genoemde verplichtingen en liet Centric toe tegenbewijs te leveren, wat niet slaagde.
Het hof bevestigt dat de uitleg van de kwijtingsclausule volgens de Haviltex-maatstaf moet plaatsvinden, waarbij de context en bedoeling van partijen doorslaggevend zijn. Gezien de verklaringen en het ontbreken van bespreking van de premies in de nadere overeenkomst, concludeert het hof dat de kwijting niet ziet op deze premies. Het hof bekrachtigt het vonnis en veroordeelt Centric in de kosten van hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis en veroordeelt Centric tot betaling van de pensioen- en ziektekostenpremies aan GTI.