ECLI:NL:GHSGR:2006:AZ3115
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Reinking
- Labohm
- Kamminga
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot verlaging partneralimentatie wegens onvoldoende onderbouwing wijziging omstandigheden
De man verzocht het hof om partneralimentatie te verminderen of te beëindigen wegens een vermeende inkomensdaling na beëindiging van zijn dienstverband bij de Bernard van Leer Foundation. Hij stelde dat zijn draagkracht was afgenomen en dat hij geen verwijt treft voor deze inkomensdaling.
De vrouw betwistte dit en stelde dat de man vrijwillig zijn vaste baan had opgegeven om partner te worden in het bedrijf van zijn huidige echtgenote in Brazilië. Zij bood bewijs aan ter ondersteuning van haar stelling.
Het hof oordeelde dat hoewel er sprake was van gewijzigde omstandigheden door het vertrek van de man bij zijn werkgever, de man onvoldoende had onderbouwd dat zijn inkomen daadwerkelijk was gedaald tot het door hem gestelde niveau. Bovendien was niet aangetoond dat hij de beoogde functie bij WINGS niet kon verkrijgen.
Daarom was er geen rechtens relevante wijziging die een verlaging van de alimentatieverplichting rechtvaardigde. Het hof bekrachtigde de bestreden beschikking en wees het verzoek af. Tevens werd de man niet in de proceskosten veroordeeld omdat de vrouw dit verzoek niet had onderbouwd.
Uitkomst: Het hof wijst het verzoek tot verlaging van partneralimentatie af wegens onvoldoende onderbouwing van een rechtens relevante wijziging.