ECLI:NL:GHSGR:2006:AZ1128
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Van den Wildenberg
- Labohm
- van Leuven
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over afwikkeling huwelijksgemeenschap en verrekening winst en vermogen
Het gerechtshof 's-Gravenhage heeft op 2 augustus 2006 uitspraak gedaan in het hoger beroep betreffende de afwikkeling van de huwelijksgemeenschap tussen partijen. Centraal staan diverse vorderingen van de vrouw jegens de man, waaronder betalingen uit hoofde van hypothecaire leningen, investeringen in de echtelijke woning, leningen aan ondernemingen van de man, en verrekening van niet uitgekeerde winsten en pensioenrechten.
De zaak betreft een complexe vermogensrechtelijke afwikkeling waarbij het hof onder meer de vraag behandelt welke bedragen uit de hypothecaire leningen aan de woning zijn besteed, de omvang van het stamvermogen van partijen, en de periode waarover verrekening dient plaats te vinden. Het hof benoemt een deskundige om onder meer de uitkeerbare winst van de BV, de rekening-courantverhouding tussen de man en zijn BV, en de waarde van levensverzekeringspolissen te onderzoeken.
Het hof stelt vast dat de peildatum voor de verrekening 16 november 2000 is, de datum waarop de samenwoning duurzaam werd verbroken, conform de huwelijkse voorwaarden. Diverse grieven van partijen worden behandeld, waarbij het hof onder meer oordeelt dat de vrouw onvoldoende concreet heeft gemaakt welke posten niet ten goede aan het gezin zijn gekomen, en dat de rekening-courantverhouding nader onderzocht moet worden.
Het hof beveelt een comparitie van partijen en benoeming van deskundigen om tot een juiste waardering en verdeling van het vermogen te komen, en houdt verdere beslissing aan. De zaak wordt op 5 oktober 2006 voortgezet voor nadere behandeling.
Uitkomst: Het hof houdt verdere beslissing aan en benoemt een deskundige voor nader onderzoek; de zaak wordt voortgezet op 5 oktober 2006.