ECLI:NL:GHSGR:2006:AY7402
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Tijnagel
- Van Walderveen
- Engel
- Rechtspraak.nl
Belastinggeschil over ondernemingsvermogen en stakingswinst bij emigratie
Belanghebbende exploiteerde een witloftrekkerij en een loonwerkbedrijf en was daarnaast in maatschap met zijn vader actief in de akkerbouw. De witloftrekkerij werd per 31 december 1999 gestaakt. De onroerende zaken werden toen overgebracht naar het privévermogen van belanghebbende. De Inspecteur stelde echter dat sprake was van een langlopende liquidatie en dat de stakingswinst pas in 2001 moest worden belast, mede vanwege de emigratieplannen van belanghebbende.
Belanghebbende had in mei 2000 nog geen emigratieplannen en bood tot augustus 2000 nog producten aan via veilingen. Pas na een reis naar Canada in mei/juni 2000 ontstonden emigratieplannen. De verkoop van een deel van het perceel aan de Staat der Nederlanden vond plaats in oktober 2001, na het stakingsmoment. Het Hof oordeelde dat de onroerende zaken vanaf ultimo 1999 tot het privévermogen behoren en dat de stakingswinst dienovereenkomstig moet worden vastgesteld.
Het Hof vernietigde de uitspraak van de Inspecteur, stelde het belastbare inkomen uit werk en woning vast op € 34.444 en veroordeelde de Inspecteur in de proceskosten en het griffierecht. De zaak werd behandeld in hoger beroep bij het Gerechtshof 's-Gravenhage op 27 juni 2006.
Uitkomst: Het Hof stelde het belastbare inkomen vast op € 34.444 en vernietigde de aanslag van de Inspecteur.