ECLI:NL:GHSGR:2006:AY6270
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- J.M.E. In ’t Velt-Meijer
- M.J. van der Ven
- T.L. Tan
- Rechtspraak.nl
Geen overgang van onderneming bij overname drukkerijactiviteiten en afwijzing doorbetaling salaris
Werknemer was van 1984 tot 2002 in dienst bij Drukkerij A., die haar activiteiten staakte. Na beëindiging van zijn dienstverband trad hij in dienst bij Werkgever voor bepaalde tijd. Werknemer stelde dat Werkgever de onderneming van Drukkerij A. had overgenomen en dat zijn arbeidsovereenkomst daardoor voortduurde, waardoor opzegging vooraf vereist was.
Het hof oordeelde dat de brief waarin de beëindiging van het dienstverband werd bevestigd, kan worden gezien als beëindiging met wederzijds goedvinden. Daarnaast was onvoldoende onderbouwd dat sprake was van een overgang van onderneming in de zin van artikel 7:662 lid 2 sub a BW Pro. De belangrijkste bedrijfsmiddelen waren verkocht aan een derde en klantenkring was niet overgedragen.
Daarom kon werknemer geen beroep doen op de bescherming tegen opzegging zoals bedoeld in artikel 7:667 BW Pro en artikel 7:663 BW Pro. De vordering tot doorbetaling van salaris werd afgewezen en het vonnis van de rechtbank werd bekrachtigd.
Uitkomst: De vordering tot doorbetaling van salaris wordt afgewezen wegens het ontbreken van een overgang van onderneming.