ECLI:NL:GHSGR:2006:AW4656
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Stille
- Labohm
- Van der Burght
- Rechtspraak.nl
Nihilstelling kinderalimentatie tijdens toepassing WSNP op vader
In deze zaak staat de draagkracht van de vader ten aanzien van kinderalimentatie centraal gedurende de periode dat de Wet schuldsanering natuurlijke personen (WSNP) op hem van toepassing is. De vader verzocht om de kinderalimentatie met terugwerkende kracht vanaf 28 augustus 2002, het moment waarop de WSNP op hem van kracht werd, op nihil te stellen. De rechtbank had dit echter pas laten ingaan vanaf 24 augustus 2004.
De moeder betwistte het verzoek en stelde dat bijzondere omstandigheden, zoals het niet zoeken van ander werk door de vader en het verblijf van een kennis in zijn woning, een uitzondering op het uitgangspunt van nihilstelling konden rechtvaardigen. Het hof oordeelde echter dat deze omstandigheden onvoldoende waren om het verzoek af te wijzen.
Verder was duidelijk dat de moeder op de hoogte was van de WSNP en dat de vader sinds die datum geen alimentatie had betaald, zonder dat de moeder dit had geëxecuteerd of afstand had gedaan van haar recht. Het hof vernietigde daarom de eerdere beschikking en bepaalde dat de kinderalimentatie met ingang van 28 augustus 2002 en zolang de WSNP van toepassing is, op nihil wordt gesteld. De kosten van het hoger beroep werden tussen de ouders gecompenseerd.
Uitkomst: De kinderalimentatie wordt met terugwerkende kracht vanaf 28 augustus 2002 op nihil gesteld zolang de WSNP op de vader van toepassing is.