ECLI:NL:GHSGR:2006:AV1845
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- J. Silvis
- C.G.M. van Rijnberk
- Swagerman
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak verdachte in zedenzaak wegens ontbreken wettig en overtuigend bewijs
In deze zedenzaak was verdachte ten laste gelegd van ontuchtige gedragingen, voortkomend uit een aangifte van een verontruste moeder die vermoedde dat haar kinderen slachtoffer waren geworden. Uit het onderzoek bleek dat de moeder op beïnvloedende wijze met de kinderen had gesproken, wat de betrouwbaarheid van hun verklaringen aantastte. De kinderen konden geen kloppende details geven over het interieur van de woning waar de ontucht zou hebben plaatsgevonden, terwijl opvallende kenmerken zoals een opgezette vos niet werden genoemd.
Daarnaast was er een aangifte van een derde kind, [L.B.], die niet als getuige was gehoord en waarvan de aangifte eveneens geen steun vond in andere bewijsmiddelen. De rechtbank had verdachte veroordeeld tot een werkstraf en een voorwaardelijke gevangenisstraf, maar het hof stelde vast dat het bewijs niet voldeed aan de eis van wettigheid en overtuiging.
Het hof vernietigde het vonnis van het gerechtshof en sprak verdachte vrij. De vrijspraak werd gemotiveerd door het ontbreken van betrouwbare en samenhangende bewijzen, de invloed van de moeder op de getuigenverklaringen en het ontbreken van bevestiging door andere bewijsmiddelen. Mr. Swagerman kon het arrest niet ondertekenen.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens ontbreken van wettig en overtuigend bewijs.