ECLI:NL:GHSGR:2005:AU0504
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- J.J.H. Gerritzen
- H.W.J. de Groot
- C.M. le Clercq-Meijer
- Rechtspraak.nl
Veroordeling medeplegen moord en vuurwapenbezit met gebruik als moordwapen
Het gerechtshof te 's-Gravenhage heeft op 4 augustus 2005 het vonnis van de rechtbank Rotterdam vernietigd en de verdachte veroordeeld tot een gevangenisstraf van veertien jaren. De verdachte werd beschuldigd van medeplegen van moord en het voorhanden hebben van een vuurwapen van categorie III, dat tevens als moordwapen is gebruikt.
De feiten betreffen een zorgvuldig gepland en snel uitgevoerd moordplan waarbij de verdachte, zonder enige aanleiding en zonder het slachtoffer te kennen, de dodelijke schoten loste op de schoonvader van de vrouwelijke mededader. Het hof benadrukte de zakelijke en ongeëmotioneerde wijze waarop het plan tot stand kwam en werd uitgevoerd, zonder enig gewetensbezwaar of twijfel aan de morele rechtvaardiging.
Het hof achtte wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte de tenlasteleggingen heeft begaan en sprak hem vrij van overige tenlastegelegde feiten. Er waren geen omstandigheden die de strafbaarheid van de verdachte uitsloten. De opgelegde straf werd passend geacht, mede gelet op het ontbreken van eerdere veroordelingen van de verdachte.
De tijd in voorarrest wordt in mindering gebracht op de opgelegde gevangenisstraf. Het vonnis is uitgesproken na het onderzoek in eerste aanleg en hoger beroep, waarbij het hof het verzoek van de advocaat-generaal tot veroordeling volgde.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 14 jaar gevangenisstraf voor medeplegen van moord en vuurwapenbezit met gebruik als moordwapen.