ECLI:NL:GHSGR:2005:AU0185
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep kort geding
- J.M.E. In ’t Velt-Meijer
- A.H. de Wild
- L.F.A. Husson
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing vordering tot gelijkblijvende arbeidsvoorwaarden na afsplitsing kraamzorgvestigingen
In deze zaak staat centraal de afsplitsing van vestigingen van Kraamzorg Nederland B.V. (KZN) naar Zorg + Co B.V., waarbij circa tweehonderd kraamverzorgenden hun dienstverband bij KZN opzegden om bij Zorg + Co in dienst te treden. ABVAKABO FNV vorderde dat KZN de kraamverzorgenden arbeidsovereenkomsten zou aanbieden op dezelfde voorwaarden als vóór de afsplitsing, zonder min/max-bepalingen.
De voorzieningenrechter wees deze vorderingen af, stellende dat geen sprake was van een overgang van onderneming en dat de opzeggingen weloverwogen waren. Het hof bevestigt deze beoordeling en oordeelt dat de kraamverzorgenden niet aan hun opzeggingen kunnen worden onttrokken, ook niet op grond van wilsgebreken of misleiding door vestigingsmanagers.
Verder oordeelt het hof dat KZN niet onredelijk handelt door nieuwe contracten met min/max-bepalingen aan te bieden, mede gelet op de door de acties van de kraamverzorgenden geleden schade en het dalende aantal zorgcontracten. Alle door ABVAKABO FNV aangevoerde grieven falen, en het hof bekrachtigt het vonnis van de voorzieningenrechter.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis dat de vorderingen van ABVAKABO FNV afwijst en bevestigt dat KZN nieuwe arbeidsovereenkomsten met min/max-bepalingen mag aanbieden.