ECLI:NL:GHSGR:2005:AT7815
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Wurzer
- Van der Putten-Göbbels
- De Groot
- Rechtspraak.nl
Gerechtshof bevestigt veroordeling medeplegen moord met rekening houden met psychische omstandigheden
Het gerechtshof te 's-Gravenhage heeft in hoger beroep het vonnis van de rechtbank Rotterdam vernietigd en opnieuw recht gedaan in een zaak waarin verdachte samen met mededaders het slachtoffer op gruwelijke wijze van het leven heeft beroofd. Het hof acht het bewezen dat verdachte medepleger is van moord.
De verdediging voerde psychische overmacht aan vanwege bedreigingen door de vader van de vriendin van verdachte, die verslaafd was aan harddrugs. Het hof verwierp dit beroep, omdat niet aannemelijk is dat de psychische dwang zodanig was dat van verdachte niet redelijkerwijs kon worden verlangd weerstand te bieden. Tevens overwoog het hof dat verdachte zich bewust had moeten zijn van de disproportionaliteit van het doden van het slachtoffer en dat er mogelijkheden waren om aan het gedrag van het slachtoffer te ontsnappen.
Hoewel het hof het beroep op psychische overmacht verwierp, hield het wel rekening met de omstandigheden voorafgaand aan het delict bij het bepalen van de strafmaat. De verdachte werd veroordeeld tot een gevangenisstraf van vier jaar, met aftrek van het voorarrest. De ernst van het misdrijf en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte zijn hierbij meegewogen.
Het hof baseerde zich op de artikelen 47 en 289 van het Wetboek van Strafrecht en verklaarde het overige tenlastegelegde niet bewezen. De uitspraak werd gedaan op 13 juni 2005 door een meervoudige kamer voor strafzaken.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot vier jaar gevangenisstraf voor medeplegen van moord met aftrek van voorarrest.