ECLI:NL:GHSGR:2005:AT7719
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Van Schellen
- Van Lierop
- De Boer
- Rechtspraak.nl
Beëindiging distributieovereenkomst en misbruik machtspositie tussen Wabco en Holl
In deze civiele zaak stond de beëindiging van een distributieovereenkomst tussen Technisch Bureau Holl B.V. en Wabco Automotive B.V. centraal. Holl stelde dat Wabco onterecht de overeenkomst had opgezegd en dat sprake was van misbruik van machtspositie. Het hof onderzocht of de opzegging rechtsgeldig was en of er sprake was van machtsmisbruik.
Het hof oordeelde dat de overeenkomst sinds 1992 bestond en stilzwijgend werd voortgezet op basis van een schriftelijke overeenkomst met een opzegtermijn van zes maanden zonder opgave van redenen. De beëindiging van de overeenkomst door Wabco leidde niet tot een verbod voor Holl om Wabco-producten in te kopen, maar tot het verlies van extra kortingen. Holl beschikte over andere inkoopkanalen en verkocht meer Wabco-producten dan zij bij Wabco afnam.
Het hof stelde vast dat Wabco gerechtigd was de overeenkomst op te zeggen met inachtneming van de opzegtermijn, maar dat de opzegging per 31 december 2000 niet rechtsgeldig was. De geldige beëindiging vond plaats per 1 januari 2002. Holl kreeg daarom een schadevergoeding toegewezen voor de periode tussen deze data. De stelling van Holl dat sprake was van misbruik van machtspositie werd verworpen wegens gebrek aan bewijs. De proceskosten werden gecompenseerd.
Uitkomst: Wabco mocht de overeenkomst opzeggen met een opzegtermijn van zes maanden vanaf 1 januari 2002, maar moest Holl schadevergoeding betalen voor de periode tussen de ongeldige en geldige opzegging.