ECLI:NL:GHSGR:2004:AR8782
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Schuurman
- Vierhout
- Bouman
- Rechtspraak.nl
Belastingheffing op afkoopsom bij beëindiging arbeidsovereenkomst en optiecontract
Belanghebbende was van december 1995 tot februari 2000 in dienst bij A B.V. en kreeg in 1997 een optie op aandelen B B.V. toegekend. In februari 2000 oefende hij de optie uit kort voor het beëindigen van zijn arbeidsovereenkomst. Vervolgens werd een vaststellingsovereenkomst gesloten waarin een afkoopsom van bruto ƒ 235.000 werd betaald ter compensatie van te derven toekomstige inkomsten.
Belanghebbende gaf deze afkoopsom niet aan als belastbaar inkomen, stellende dat het een onbelaste vergoeding was ter vervanging van gemiste vermogenswinst. De Inspecteur nam het bedrag echter volledig mee in de heffing als loon uit dienstbetrekking.
Het hof stelde vast dat uit de vaststellingsovereenkomst blijkt dat de afkoopsom is betaald vanwege het verlies aan toekomstige inkomsten en dat er geen aanwijzingen zijn dat het bedrag een compensatie voor gemiste vermogenswinst betreft. Belanghebbende maakte dit standpunt niet aannemelijk.
Daarom kwalificeerde het hof de afkoopsom als loon uit dienstbetrekking in de zin van artikel 22 Wet Pro IB 1964 en verklaarde het beroep van belanghebbende ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De afkoopsom van ƒ 235.000 wordt als loon uit dienstbetrekking belast en het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard.