ECLI:NL:GHSGR:2004:AQ8511
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Gerritzen
- Van den Berg
- Bax-Luhrman
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs door niet-ondervraagde anonieme getuige
In hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter is vastgesteld dat de veroordeling in eerste aanleg gebaseerd was op een belastende verklaring van een persoon wiens identiteit niet bekend is, zoals bedoeld in artikel 344a Sv. Deze verklaring is door de politierechter als bewijs gebruikt en droeg in belangrijke mate bij aan de bewijsconstructie.
De verdachte heeft tijdens de terechtzitting in hoger beroep aangegeven deze getuige te willen ondervragen of laten ondervragen, aangezien hij de verklaring betwist. Het hof oordeelt dat zonder de mogelijkheid tot ondervraging van deze anonieme getuige, de verklaring niet als bewijs kan dienen.
Bij gebrek aan ander wettig en overtuigend bewijs kan het hof het vonnis van de politierechter niet in stand laten en spreekt de verdachte vrij. Tevens wordt de benadeelde partij niet-ontvankelijk verklaard in haar vordering tot schadevergoeding, omdat de strafrechtelijke grondslag daarvoor is komen te vervallen.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens gebrek aan voldoende wettig en overtuigend bewijs.