ECLI:NL:GHSGR:2004:AQ1718
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- A.N. Labohm
- Kok
- Mulder
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep alimentatie en vermogen na echtscheiding met benoeming raadsheer-commissaris
In deze zaak staat het hoger beroep centraal tegen de alimentatiebeschikking na echtscheiding tussen een man en vrouw, beiden woonachtig in België. De man betwist de vastgestelde behoefte van de vrouw en kinderen en voert aan dat de alimentatiebedragen te hoog zijn en niet in overeenstemming met het werkelijke bestedingspatroon en zijn draagkracht. Hij stelt dat de uitgaven in het laatste jaar van het huwelijk niet representatief zijn en dat de vrouw zelf inkomsten kan verwerven.
Het hof overweegt dat het uitgavenpatroon in de laatste jaren van het huwelijk een belangrijke indicator is voor de behoeftebepaling, tenzij sprake is van een trendbreuk. Ook mogen uitgaven voor antiek, oldtimers en inrichting worden meegewogen als indicatie van het welstandsniveau. De man heeft een uitgebreid overzicht gegeven van zijn vermogen en inkomen, maar het hof acht het noodzakelijk dat twee registeraccountants een deskundigenbericht opstellen om dit te controleren. Tevens benoemt het hof een raadsheer-commissaris om de voortgang van het onderzoek te bewaken.
De behoefte van de kinderen wordt vastgesteld op €480 per maand per kind, exclusief schoolbijdragen en ziektekosten die de man blijft betalen. De vrouw wordt geacht zich op de arbeidsmarkt te oriënteren, maar krijgt voorlopig nog alimentatie vanwege haar huidige situatie. De behandeling wordt aangehouden tot december 2004, waarbij de man een voorschot voor de deskundigen moet betalen.
Uitkomst: Het hof wijst het verzoek van de man grotendeels af, benoemt deskundigen en een raadsheer-commissaris voor financieel onderzoek en houdt verdere beslissing aan.