ECLI:NL:GHSGR:2004:AO2245
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Tanja Kok
- Van den Broek
- Zonnenberg
- Rechtspraak.nl
Verdeling huwelijksgoederengemeenschap met afwijking van hoofdregel bij bijzondere omstandigheden
De zaak betreft de verdeling van de huwelijksgoederengemeenschap na echtscheiding van partijen die in gemeenschap van goederen waren gehuwd. De man en vrouw zijn in hoger beroep gegaan tegen de verdeling van de huwelijksgoederengemeenschap, waarbij het geschil vooral draaide om de toedeling van aandelen en schulden.
De rechtbank had de huwelijksgoederengemeenschap verdeeld volgens de hoofdregel van gelijke verdeling, waarbij ieder de helft van de aandelen en schulden zou ontvangen. Echter bleek dat de man de aandelen reeds had gecertificeerd en ondergebracht in een stichting, waardoor de vrouw geen zeggenschap had over de aandelen. Ook was onduidelijkheid over de waarde van de aandelen en de toerekening van schulden.
Het hof oordeelde dat bijzondere omstandigheden aanwezig zijn die afwijking van de hoofdregel rechtvaardigen. Daarom werd de toedeling van de certificaten aan de man toegewezen, onder de verplichting dat hij de vrouw de helft van de waarde van de certificaten per 31 december 2002 (€700.000) vergoedt. De verdeling van schulden en andere goederen werd eveneens nader vastgesteld. Het hoger beroep van de man werd deels ongegrond verklaard, en de beschikking van de rechtbank op dit punt vernietigd.
De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad verklaard en het meer of anders verzochte afgewezen.
Uitkomst: De certificaten van aandelen worden aan de man toegewezen met een vergoeding van €700.000 aan de vrouw.