ECLI:NL:GHSGR:2003:AL8308
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- mr. Vonk
- Rechtspraak.nl
Beperking aftrek reiskosten woon-werkverkeer bij ontbreken openbaar-vervoerverklaring
Belanghebbende werkte in 2000 via een uitzendbureau in de horeca en reisde gemiddeld drie tot vijf dagen per week met het openbaar vervoer over een afstand van circa 45 kilometer enkele reis. Hij bracht de werkelijke reiskosten van ƒ 3.901 in aftrek, onderbouwd met plaatsbewijzen van bus en trein. De Inspecteur beperkte de aftrek tot ƒ 2.680, het forfaitaire bedrag voor 30 kilometer volgens de Uitvoeringsregeling inkomstenbelasting 1990, omdat geen openbaar-vervoerverklaring was overgelegd.
Belanghebbende stelde dat hij op grond van redelijkheid, billijkheid, het draagkrachtbeginsel en het vertrouwensbeginsel recht had op aftrek van de werkelijke kosten. Hij verwees naar een brief van de Inspecteur en uitlatingen van de Staatssecretaris van Financiën over mogelijke uitbreiding van openbaar-vervoerverklaringen. Het hof oordeelde dat de wettelijke regeling strikt is en dat de beperking tot 30 kilometer alleen kan worden opgeheven bij een geldige openbaar-vervoerverklaring.
De toezeggingen van de Staatssecretaris betroffen slechts mogelijke toekomstige uitbreidingen en vormden geen afwijkend recht voor het jaar 2000. Het beroep op redelijkheid en billijkheid en het draagkrachtbeginsel kon niet leiden tot een andere uitkomst, omdat de rechter de innerlijke waarde van de wet niet mag toetsen. Het hof verklaarde het beroep ongegrond en wees proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en de aftrek van reiskosten wordt beperkt tot het forfaitaire bedrag voor 30 kilometer.