ECLI:NL:GHSGR:2003:AJ3434
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Biemond
- Van Knobelsdorff
- Rosier
- Rechtspraak.nl
Verliescompensatie bij schuldsanering en waardering ondernemingsschulden
Belanghebbende dreef tot 1994 een onderneming die werd gestaakt na het beëindigen van een belangrijke opdrachtrelatie. In 1999 werd de schuldsaneringsregeling op hem van toepassing verklaard. De Inspecteur stelde dat door de schuldsanering in 1999 vaststond dat schulden niet volledig betaald zouden worden, waardoor een vermogensvermeerdering ontstond en verliescompensatie niet mogelijk was.
Het Hof stelde vast dat ondernemingsschulden bij staking tot het ondernemingsvermogen blijven behoren en dat pas wanneer het zo goed als zeker is dat schulden niet voldaan worden, deze op een lagere waarde dan nominale waarde kunnen worden gewaardeerd. De schuldsaneringsregeling leidde niet automatisch tot een vermogensvermeerdering in 1999, mede omdat belanghebbende niet geheel of gedeeltelijk van zijn schulden was bevrijd.
Daarom werden de ondernemingsschulden terecht gewaardeerd op nominale waarde in 1999, waardoor verliescompensatie bleef bestaan. Het beroep van belanghebbende werd gegrond verklaard, de aanslag verminderd tot nihil en de Inspecteur veroordeeld in proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: De aanslag is verminderd tot een belastbaar inkomen van nihil en de Inspecteur is veroordeeld in proceskosten en griffierecht.