ECLI:NL:GHSGR:2003:AI1150
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Labohm
- Van den Wildenberg
- Van der Burght
- Rechtspraak.nl
Beëindiging partneralimentatie wegens eigen inkomen en terugbetalingsverplichting
In deze zaak verzocht de man de rechtbank om de partneralimentatie aan de vrouw te beëindigen of te beperken, omdat zij sinds 16 juni 1999 een eigen inkomen heeft dat haar behoeften dekt. De vrouw voerde aan dat haar inkomen onvoldoende is en dat zij een tekort heeft. Het hof stelde vast dat de vrouw sinds 28 juli 1999 in vaste dienst is bij KLM met een inkomen dat hoger is dan de alimentatie die zij ontving, en dat haar behoefteberekening een te laag inkomen hanteert en lasten bevat die niet verplicht zijn of reeds in de bijstandsnorm zijn begrepen.
Het hof oordeelde dat de vrouw vanaf 28 juli 1999 geen behoefte meer had aan alimentatie en beëindigde de alimentatieplicht van de man met ingang van die datum. Tevens werd geoordeeld dat de vrouw de te veel ontvangen alimentatie vanaf die datum aan de man moet terugbetalen, omdat zij verplicht was hem te informeren over haar inkomen en het onredelijk is dat zij de alimentatie heeft behouden terwijl zij geen behoefte meer had.
De vrouw voerde aan dat zij de alimentatie had besteed aan haar dochter en dat terugbetaling onredelijk is, maar het hof vond dit onvoldoende aannemelijk. Het hoger beroep werd daarom deels gegrond verklaard door de datum van beëindiging te wijzigen en de terugbetalingsverplichting op te leggen. Het overige werd afgewezen.
Uitkomst: De alimentatieplicht van de man wordt met ingang van 28 juli 1999 beëindigd en de vrouw wordt veroordeeld tot terugbetaling van de te veel ontvangen alimentatie vanaf die datum.