ECLI:NL:GHSGR:2003:AI0966
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Gerritzen
- Wurzer
- Van der Putten-Göbbels
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor moord met voorbedachten rade na relationele onenigheid
De verdachte heeft na een onenigheid in de relationele sfeer het slachtoffer met voorbedachten rade van het leven beroofd door hem van zeer korte afstand met een geladen vuurwapen te schieten, waardoor het slachtoffer overleed.
In eerste aanleg werd verdachte vrijgesproken van het primair tenlastegelegde en veroordeeld voor het subsidiair tenlastegelegde, maar het hof vernietigde dit vonnis en verklaarde het primair tenlastegelegde bewezen. Het hof oordeelde dat er geen sprake was van noodweer of noodweerexces, omdat verdachte voldoende gelegenheid had om de confrontatie te vermijden en het slachtoffer niet gewapend was.
Het hof nam het oordeel van een psycholoog over dat verdachte licht verminderd toerekeningsvatbaar is vanwege een persoonlijkheidsstoornis en de situatie waarin verdachte raakte. Gelet op de ernst van het feit, de omstandigheden waaronder het werd begaan en de persoonlijke omstandigheden van verdachte, legde het hof een gevangenisstraf van negen jaar op, met aftrek van voorarrest.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot negen jaar gevangenisstraf voor moord met voorbedachten rade.