ECLI:NL:GHSGR:2003:AF6946
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Van Walderveen
- Rechtspraak.nl
Beoordeling aftrekbaarheid rente rekening-courantschuld in relatie tot eigen woning en overige onroerende zaken
Belanghebbende, eigenaar van meerdere onroerende zaken waaronder een eigen woning, had een schuld in rekening-courant bij de Hollandsche Bank-Unie N.V. (HBU). Deze schuld was ontstaan uit een kapitaalstorting in een vennootschap onder firma en later overgedragen aan een besloten vennootschap. De betaalde rente over deze schuld werd in de aangifte deels toegerekend aan de eigen woning en deels aan overige verhuurde onroerende zaken.
De Inspecteur corrigeerde de aangifte door de rente op de rekening-courantschuld niet als aftrekbare kosten voor de eigen woning te erkennen, maar als persoonlijkeverplichtingenrente met een aftrekbeperking. Belanghebbende voerde aan dat de negatieve hypotheekverklaring met hypotheekbelofte die hij aan de bank had afgegeven, gelijkwaardig was aan hypothecaire zekerheid, waardoor de renteaftrek gelijk behandeld zou moeten worden.
Het hof oordeelt dat deze verklaring niet gelijkgesteld kan worden met hypothecaire zekerheid en dat er geen historisch causaal verband bestaat tussen de lening en de eigen woning of overige onroerende zaken. Het beroep op het gelijkheidsbeginsel en het vertrouwensbeginsel faalt, mede omdat de wetgever een objectieve en redelijke rechtvaardiging heeft voor de beperking van de renteaftrek. Het hof verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de correcties van de Inspecteur.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende tegen de aanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen over 1998 wordt ongegrond verklaard.